Een spiraalstelsel kan makkelijk herkend worden aan zijn twee of meerdere spiraalarmen die zich rond een kern bevinden. Toen Edwin Hubble de spiraalstelsels wou bestuderen en classificeren, onderscheidde hij twee groepen binnen: deze objecten de normale spiraalstelsels (S) en de balkspiraalstelsels (SB). Binnen de spiraalvormige sterrenstelsels zitten sterren van alle mogelijke leeftijden. Deze stelsels zijn ook rijk aan gas waardoor sommigen ook wel de 'kraamklinieken' van ons heelal genoemd worden.
Starburst sterrenstelsels zijn stelsels die een blauwachtige kleur vertonen en opvallend helderder zijn in het infrarode gebied van het spectrum waardoor aangetoond wordt dat er uitzonderlijk veel nieuwe sterren gevormd worden in dergelijke stelsels. In normale sterrenstelsels worden doorgaans ook nieuwe sterren gevormd maar niet zo veel als bij een Starburst stelsel. De oorzaak voor deze grote hoeveelheid nieuwe en jonge sterren zou te wijten zijn aan botsingen tussen verschillende sterrenstelsels.
Ongeveer 40% van alle sterrenstelsels hebben een elliptische vorm (bolvormig of lensvormig) en beschikken over een zeer heldere kern. In deze elliptische sterrenstelsels bevinden zich vooral oudere sterren omdat er zich te weinig gas in bevindt voor het ontstaan van nieuwe sterren. De helderheid van deze stelsels neemt naar de rand toe meer af. Elliptische sterrenstelsels zijn eveneens de grootste uit ons heelal.
NGC 2683 is een spiraalvormig sterrenstelsel dat in 1788 werd ontdekt door William Herschel. Het sterrenstelsel kreeg door het Astronaut Memorial Planetarium and Observatory ook de bijnaam 'UFO Galaxy' omwille van zijn gelijkenis met een vliegende schotel en is terug te vinden in het sterrenbeeld Lynx. Het is ongetwijfeld één van de mooiste deep-sky objecten in het sterrenbeeld Lynx en is terug te vinden ten oosten van de ster Alpha Lyncis. NGC 2683 bevindt zich op een afstand van 16 miljoen lichtjaar van de Aarde en heeft een magnitude van 9.7. Dit stelsel beweegt zich met een snelheid van 410 kilometer per seconde van de Aarde weg. Opvallend aan dit sterrenstelsel is dat de centrale kern een heldere gele kleur heeft waarin zich oudere sterren bevinden. In de spiraalarmen bevinden zich dan weer stervormingsgebieden met daarin jonge, blauwe sterren.
Het prachtige spiraalvormig sterrenstelsel NGC 7331 in het sterrenbeeld Pegasus is van magnitude 10.4. Het is één van de grotere stelsels die aan de nachtelijke hemel te bewonderen zijn maar die niet in de bekende Messierlijst opgenomen werd. Het object werd ontdekt door William Herschel in 1787. NGC 7331 staat ongeveer 47 miljoen lichtjaar van ons verwijderd en in dit stelsel bevindt zich ook de supernova SN 1959D. Opvallend aan dit sterrenstelsel is dat het veel gelijkenissen vertoont met ons eigen sterrenstelsel, de Melkweg. Hierdoor wordt NGC 7331 ook vaak de 'tweeling van de Melkweg' genoemd.
Een sterrenbeeld is een verzameling sterren die ogenschijnlijk een figuur vormen wanneer we deze sterren met denkbeeldige lijnen verbinden. Vanop aarde lijken deze sterren die een sterrenbeeld vormen dicht bij elkaar te staan maar in het heelal bevinden deze sterren zich vele lichtjaren van elkaar. Sterrenbeelden hebben een rijke geschiedenis en hebben veelal namen gekregen die afkomstig zijn uit de Griekse of Romeinse mythologie of van dieren. de huidige indeling van de sterrenbeelden is voornamelijk gebaseerd op de sterrenatlas die in 1603 werd uitgegeven door de Duitse sterrenkundige Johannes Bayer. In dit artikel bespreken we het bekende sterrenbeeld Maagd (Virgo).
Als we op een donkere nacht boven ons heen kijken, zien we ongeveer in het centrum van de nachtelijke hemel een band waarin de sterren zeer dicht bij elkaar staan. Deze strook kennen we beter als de 'Melkweg'. Dit is het sterrenstelsel waar wij, de Aarde, deel van uitmaken. Sterrenstelsels zijn dus gebieden met grote verzamelingen van sterren en deze hebben vrijwel allemaal een spiraal-, schijf- of bolvormige structuur.

Lancering vanop de Cape Canaveral lanceerbasis in Florida het Amerikaanse onbemande ruimtetuig Gemini 2. Dit was de tweede missie uit NASA's Gemini ruimteprogramma dat de opvolger was het Mercury programma dat Amerika's eerste bemande ruimteprogramma was. Na 18 minuten en 16 seconden was deze testvlucht afgelopen. Doel van de onbemande Gemini 2 testvlucht was het testen van het hitteschild van de nieuwe Gemini ruimtecapsule die plaats bood aan twee astronauten. Na de Gemini 2 testvlucht werd deze ruimtecapsule opnieuw opgelapt en in november 1966 een tweede keer gelanceerd in het kader van het militaire ruimteprogramma Manned Orbiting Laboratory (MOL). Foto: NASA
Deze website wordt aan onze bezoekers blijvend gratis aangeboden maar om de hoge kosten om de site online te houden te drukken moeten we wel het nodige budget kunnen verzamelen. Ook jij kunt uw bijdrage leveren door ons te ondersteunen met uw donatie zodat we u blijvend kunnen voorzien van het laatste nieuws en artikelen boordevol informatie.