Toen Amerika druk bezig was met zijn Apollo maanprogramma voor te bereiden, besliste de NASA om een transportsysteem te ontwerpen dat de zware Saturn V maanraket in een verticale houding zou kunnen transporteren naar het lanceercomplex op het Kennedy Space Center. Dit transportsysteem kreeg de naam “Crawler”, werd gebouwd door Marion Power Shovel Co. en had een prijskaartje van 14 miljoen dollar.
Het belangrijkste onderdeel van de Space Shuttle was wellicht de zogeheten 'orbiter', of ook wel het 'ruimteveer' genoemd. Hierin bevond zich de bemanning tijdens de hele ruimtemissie. In de orbiter was ook een laadruimte voorzien waarin zich satellieten, onderdelen voor een ruimtestation of wetenschappelijke experimenten konden worden in opgeslagen. Alles samen had de orbiter een lengte van 37,2 meter en een spanwijdte van 23,7 meter.
Wanneer het Amerikaanse ruimteveer gelanceerd wordt, heeft de orbiter alleen al een gewicht van meer dan 105 ton. Hiervoor is dan ook een enorme kracht nodig om deze samen met de External Tank, die een gewicht heeft van 757 ton, in een baan om de Aarde te kunnen brengen. Deze krachten worden geleverd door de twee meest krachtige raketten waarover Amerika vandaag de dag beschikt, de Solid Rocket Boosters.
De drie krachtige raketmotoren van de Space Shuttle worden 16 seconden voor de lancering ontstoken maar krijgen hun brandstof geleverd vanuit de External Tank die één grote brandstoftank is met een lengte van 46,9 meter en bestaat uit twee grote compartimenten. Binnenin de External Tank bevindt zich meer dan 4 ton aan elektrische leidingen, dichtingen en constructieonderdelen.
Tijdens de eerste ontwerpen van de Amerikaanse Space Shuttle begin de jaren 70 bleek al gauw duidelijk dat het vrachtruim van dit ruimteveer zou kunnen gebruikt worden voor talloze wetenschappelijke doeleinden en om deze zoveel mogelijk te combineren droomden wetenschappers ervan een module te ontwerpen die de functie had van een laboratorium en apart kon geïnstalleerd worden in het laadruim van het Amerikaanse ruimteveer.
Astronauten en kosmonauten zijn vaak mensen die als vertegenwoordigers optreden voor hun land en werden in de beginjaren van de bemande ruimtevaart vaak als goden omschreven. Toch zijn dit ook heel normale mensen die dankzij enkele speciale capaciteiten of bijzondere kennis een gevaarlijk beroep uitoefenen en constant onder een hoge druk staan. Ruimtevaarders kunnen net als gewone burgers uit de bol gaan en kunnen net als iedereen wangedrag vertonen ook al werd dit in het verleden vaak verzwegen of geminimaliseerd. In onderstaande lijst vinden we enkele namen van ruimtevaarders terug die er een zeer raar gedrag op nahielden of die zichzelf niet meer onder controle hadden.
Het prachtige balkspiraalstelsel NGC 1300 bevindt zich op een afstand van 61 miljoen lichtjaar van de Aarde en kan worden teruggevonden in het sterrenbeeld Eridanus. De magnitude van dit stelsel bedraagt 10.4. De zogeheten 'balk' in dit stelsel heeft een grootte van 50 000 lichtjaar en het totale sterrenstelsel heeft een omvang van 115 000 lichtjaar. Hierdoor is het net iets groter dan ons eigen sterrenstelsel, de Melkweg. De kern van NGC 1300 is dan weer omgeven door een kleinere spiraalstructuur met een grootte van enkele duizenden lichtjaren. De Hubble Space Telescope maakte in september 2004 een prachtige detailopname van dit sterrenstelsel. NGC 1300 werd op 11 december 1835 ontdekt door de Britse astronoom John Herschel.
De European Space Agency (ESA) is de officiële ruimtevaartorganisatie van Europa. Deze organisatie is in 1975 ontstaan uit de European Space Research Organisation (ESRO) en de European Launcher Development Organisation (ELDO). ESA houdt zich in Europees verband bezig met projecten op het gebied van ruimtevaart, onderzoek van onze planeet, ruimteonderzoek, ontwikkeling van op satellietsystemen gebaseerde technologieën en de bevordering van de Europese economie. Door bundeling van financiële en intellectuele bronnen is de Europese ruimtevaartorganisatie ESA in staat projecten te realiseren die voor afzonderlijke lidstaten onbereikbaar zijn. ESA werkt nauw samen met de Europese Unie, maar maakt er geen formeel deel van uit.
Het Tanegashima Space Center (TNSC) is de grootste en belangrijkste lanceerbasis van Japan. Het complex bevindt zich op het eiland Tanegashima en werd in 1969 opgericht door het toenmalige National Space Development Agency of Japan (NASDA). De lanceerbasis wordt vandaag de dag gebruikt voor het lanceren van zowel sondeerraketten alsook zwaardere raketten.
De Jiuquan lanceerbasis bevindt zich in de Chinese Gansu provincie en is de oudste Chinese lanceerbasis. Vanop deze plaats werden ondermeer de eerste Chinese kunstmanen gelanceerd alsook de eerste Chinese ruimtevaarder. De Jiuquan Satellite Space Centre bevindt zich in de Gobi woestijn op ongeveer 1 600 kilometer van de Chinese hoofdstad Peking.

Lancering vanop de Cape Canaveral lanceerbasis in Florida van de Amerikaanse ruimtesonde New Horizons. Dit is de eerste missie van een ruimtesonde naar de dwergplaneet Pluto. Eind februari 2007 bereikte New Horizons de planeet Jupiter waarbij de ruimtesonde gebruik kon maken van een zwaartekrachtslinger. Op 8 juni 2008 vloog New Horizons de omloopbaan van de planeet Saturnus voorbij en op 18 maart 2011 de baan van de planeet Uranus. In juli 2015 moet het ruimtetuig uiteindelijk aankomen bij Pluto en zijn manen. Aan boord van de sonde bevindt zich een deel van de as van de ontdekker van Pluto, Clyde Tombaugh. Foto: NASA
Deze website wordt aan onze bezoekers blijvend gratis aangeboden maar om de hoge kosten om de site online te houden te drukken moeten we wel het nodige budget kunnen verzamelen. Ook jij kunt uw bijdrage leveren door ons te ondersteunen met uw donatie zodat we u blijvend kunnen voorzien van het laatste nieuws en artikelen boordevol informatie.