Sterrenkunde voor dummies is een stoomcursus voor iedereen! Ben je een leek, een gevorderd waarnemer of heb je gewoon interesse in astronomie dan is dit boek iets voor jou! Het maakt kennis met planeten, kometen, meteorieten, ijsdwergen, zwarte gaten, buitenaards leven, …
En nog veel meer! Begin je nu met het eerste onderwerp of begin je met het laatste, het maakt niet uit! Het boek is zo opgebouwd dat je leest waar je zin in hebt…
Wanneer we meer willen doen met de sterrenhemel dan enkel de Melkweg fotograferen met een digitaal fototoestel kunnen we ons ook toeleggen op astrofotografie met behulp van een webcam. Deze vorm van astrofotografie is minder bekend en populair maar biedt daarom niet minder mogelijkheden. Zo kan je met een webcam die gekoppeld wordt aan een telescoop mooie opnamen maken van het maanoppervlak en de planeten. Vaak is dit voor velen de eerste stap in de richting van semi- en professionele astrofotografie. Leer via dit artikel alles over astrofotografie met behulp van een webcam.
De eenvoudigste manier op de objecten in ons zonnestelsel te fotograferen is nog altijd met een klassieke (spiegelreflex)camera, zowel digitaal als met film.
De meeste amateur-astronomen die in het bezit zijn van een camera willen wel eens proberen om aan astrofotografie te doen. Meestal beginnen ze met samenstanden van planeten, de schijngestalten van de Maan en andere opnames zonder telescoop. Wanneer men ook een telescoop heeft kan men de schijngestalten van Venus, wolkenbanden op Jupiter, de ringen van Saturnus en talloze maankraters op de gevoelige plaat (letterlijk of figuurlijk) vastleggen.
Geïnspireerd door sciencefictionreeksen dromen velen onder ons van werelden in ver afgelegen sterrenstelsels. Sinds de bekendmaking van de ontdekking van de allereerste exoplaneet, op 06 oktober 1995, benaderen onze dromen beetje bij beetje de werkelijkheid. Tot op heden zijn ongeveer 800 planeten ontdekt (2012) bij andere sterren en is een nieuw wetenschapsgebied geboren, de exobiologie.
Planetoïden, ook wel ‘asteroïden’ genoemd, zijn stukken materie die net als planeten en dwergplaneten in een baan om onze ster, de Zon, draaien. De meeste van deze planetoïden bevinden zich in een gebied tussen de banen van de planeten Mars en Jupiter, in de zogeheten planetoïdengordel. Terwijl de grootste planetoïde een diameter heeft van ongeveer 1 000 kilometer zijn de meeste andere exemplaren veel kleiner. Tot op heden (februari 2018) ontdekten astronomen al meer dan 750 000 planetoïden in ons zonnestelsel. Voor wetenschappers zijn deze kleine hemellichamen van groot belang aangezien zij ons meer kunnen vertellen over de geschiedenis van ons zonnestelsel en sommigen onder hen een potentiële dreiging vormen voor onze planeet.
Jupiter is de vijfde planeet uit het zonnestelsel, gezien vanaf de Zon, en is ook de grootste planeet uit ons zonnestelsel. In tegenstelling tot de terrestrische planeten zoals Venus en Mars beschikt Jupiter niet over een vast oppervlak waardoor dit type van hemellichamen ook wel 'gasreuzen' of 'Joviaanse' planeten worden genoemd. In dit uitgebreid artikel leer je alles over de reusachtige planeet Jupiter.
De planeet Uranus is vanaf de zon gezien de zevende planeet in ons zonnestelsel en is tevens ook de derde grootste planeet. Uranus werd in 1781 toevallig ontdekt door de Engelse astronoom William Herschell die in het begin dacht dat hij een komeet ontdekt had maar na grondig onderzoek bleek het om een planeet te gaan en Herschell noemde deze planeet Georgium Sidus naar de Engelse koning George III.
We kennen ze allemaal, de prachtige heldere objecten aan de nachtelijke hemel, met hun indrukwekkende staart, die maar één keer om de zoveel tijd te zien zijn. Deze wonderbaarlijke objecten worden al sinds mensengeheugenis waargenomen, weergegeven en afgebeeld in tal van schilderijen, boeken en tekeningen.

Lancering vanop de Cape Canaveral lanceerbasis in Florida het Amerikaanse onbemande ruimtetuig Gemini 2. Dit was de tweede missie uit NASA's Gemini ruimteprogramma dat de opvolger was het Mercury programma dat Amerika's eerste bemande ruimteprogramma was. Na 18 minuten en 16 seconden was deze testvlucht afgelopen. Doel van de onbemande Gemini 2 testvlucht was het testen van het hitteschild van de nieuwe Gemini ruimtecapsule die plaats bood aan twee astronauten. Na de Gemini 2 testvlucht werd deze ruimtecapsule opnieuw opgelapt en in november 1966 een tweede keer gelanceerd in het kader van het militaire ruimteprogramma Manned Orbiting Laboratory (MOL). Foto: NASA
Deze website wordt aan onze bezoekers blijvend gratis aangeboden maar om de hoge kosten om de site online te houden te drukken moeten we wel het nodige budget kunnen verzamelen. Ook jij kunt uw bijdrage leveren door ons te ondersteunen met uw donatie zodat we u blijvend kunnen voorzien van het laatste nieuws en artikelen boordevol informatie.