M60, ook gekend als NGC 4649, is een gigantisch elliptisch sterrenstelsel dat deel uitmaakt van de bekende 'Virgocluster'. Dit sterrenstelsel bevindt zich nabij M59 en M58. De schijnbare afstand tussen deze eerste bedraagt slechts 24'. M60 is eveneens het meest oostelijke lid van het Virgocluster. Langbelichte foto's tonen talrijke bolhopen in de halo van het stelsel. In totaal zijn er wellicht zo'n 5 100. In 2004 werd er een supernovae ontdekt in M60 maar deze was op dat moment al volop aan het verzwakken. M60 staat op een afstand van ongeveer 60 miljoen lichtjaar en in het midden van dit sterrenstelsel bevindt zich een zwart gat dat een massa heeft dat 4,5 miljard keer de massa heeft van de Zon.
M61 is een van de grotere sterrenstelsels dat deel uitmaakt van de bekende 'Virgocluster'. Dit spiraalvormig sterrenstelsel heeft een schijnbare diameter van 6' wat op een afstand van 60 miljoen lichtjaar overeenkomt met een werkelijke diameter van 100 000 lichtjaar (gelijkaardig aan onze Melkweg). Tot nu toe werden er in M61 reeds 4 supernovae ontdekt, waarvan de laatste in 1999.
M62, ook gekend als NGC 6266, is één van de helderste bolvormige sterrenhopen in het sterrenbeeld Ophiuchus (Slangendrager) en heeft een opvallend onregelmatige vorm. Deze bolhoop bevindt zich ook dicht bij de kern van onze Melkweg, op slechts 6 100 lichtjaar. Wellicht wordt de ongewone vorm veroorzaakt van dit object door gravitationele invloeden vanuit de kern van ons sterrenstelsel. M62 ligt op 22 500 lichtjaar van onze Zon en heeft een werkelijke diameter van ongeveer 100 lichtjaar. In 1973 werden er al reeds een 90-tal veranderlijke sterren ontdekt in deze cluster, waarvan de meeste van het type RR Lyrae. M62 kent ook een aantal röntgenbronnen, wellicht dubbelsterren die zeer dichtbij elkaar staan.
Messier 63, ook gekend als NGC 5055, is een spiraalvormig sterrenstelsel in het sterrenbeeld Canes Venatici (Jachthonden) en draagt ook de naam 'Zonnebloemstelsel' (Sunflowergalaxy' in het Engels). Dit sterrenstelsel maakt deel uit van een cluster waartoe ook het sterrenstelsel Messier 51 (Draaikolknevel) behoord. Het stelsel bevindt zich op een afstand van ongeveer 37 miljoen lichtjaar van de aarde en heeft een visuele helderheid van magnitude 8.6. Op 25 mei 1971 werd er een supernovae van het type Ia ontdekt in Messier 63 die magnitude 11.8 bereikte. De cluster waartoe Messier 63 behoort, bevindt zich op een afstand van 37 miljoen lichtjaar van de Aarde.
M64, ook wel bekend als het 'Zwarte Oogstelsel', is een spiraalvormig sterrenstelsel in het sterrenbeeld Coma Berenices (Hoofdhaar). Het object dankt zijn naam aan een donkere vlek (een stofbaan) iets ten oosten van het centrum. Dit gebied verduisterd de achterliggende sterren en is zelf een actief stervormingsgebied (vergelijkbaar met de Orionnevel in onze Melkweg). M64 ligt op ongeveer 19 miljoen lichtjaar van de Aarde, hoewel de schattingen hierover nogal uiteenlopen van 12 miljoen tot 25 miljoen lichtjaar. De ware diameter van Messier 64 bedraagt ongeveer 51 000 lichtjaar en M64 is een stelsel waarin nog steeds stervorming plaatsvindt.
M65, M66 en NGC 3628 zijn drie spiraalstelsels in het sterrenbeeld Leo (Leeuw) die vlak bij elkaar liggen. De eerste twee worden gescheiden door slechts 21'. Samen vormen deze drie objecten het bekende 'Leo Triplet'. M65 en M66 zijn respectievelijk van het type Sa en Sb. De twee sterrenstelsels hebben een diameter van 50 000 en 70 000 lichtjaar en staan op een afstand van enkele tientallen miljoenen lichtjaren. Tot op heden zijn er nog geen supernovae ontdekt in M95.
M65, M66 en NGC 3628 zijn drie spiraalstelsels in het sterrenbeeld de Leo (Leeuw) die vlak bij elkaar liggen. De eerste twee worden gescheiden door slechts 21'. Samen vormen deze drie objecten het zogeheten 'Leo Triplet'. M65 en M66 zijn respectievelijk van het type Sa en Sb. De twee sterrenstelsels hebben een diameter van 50 000 en 70 000 lichtjaar en staan op een afstand van enkele tientallen miljoenen lichtjaren. Tot nu toe zijn er reeds drie supernovae ontdekt in het sterrenstelsel, waarvan de laatste in 1997. De helderste supernova haalde magnitude 12,2.
M68, ook gekend als NGC 4590, is een bolvormige sterrenhoop in het sterrenbeeld Hydra (Waterslang) dat zich op een afstand van ongeveer 33 000 lichtjaar bevindt. Deze cluster heeft een diameter van 106 lichtjaar. Tot nu toe zijn er een 30-tal variabele sterren ontdekt in M68, allemaal van het type RR Lyrae. In de nabije omgeving van het object werd er eveneens een variabele ontdekt, van het type mira (die geen deel uit maakt van de cluster zelf). De bolhoop nadert ons aan een snelheid van 112 km/s en helderste individuele ster in Messier 68 heeft een magnitude van 12,6.
M69 is één van de kleinere en armere bolvormige sterrenhopen die uitmaken van onze Melkweg. De bolhoop staat op een afstand van ongeveer 29 700 lichtjaar en heeft een werkelijke diameter van 61 lichtjaar. Opvallend aan dit object, dat zich in het sterrenbeeld Sagittarius (Schutter) bevindt, is de grote concentratie aan metalen, wat er op wijst dat dit een relatief jonge bolhoop is (maar nog altijd ouder dan onze Zon). Een ander opmerkelijke eigenschap aan deze bolhoop is dat deze zich bijna tegenover het centrum van ons Melkwegstelsel aan de nachtelijke hemel bevindt. De meeste bolhopen concentreren zich in het gebied rond het centrum. Net als vele andere bolvormige sterrenhopen kent Messier 68 een aantal veranderlijke sterren. Hiervan zijn er tot nu toe 42 ontdekt waarvan 27 van het type RR Lyrae zijn.
M70 is een bolvormige sterrenhoop in het sterrenbeeld Sagittarius (Schutter) dat zich op een afstand bevindt van 29 300 lichtjaar. Opvallend aan dit object is dat er slechts twee variabele sterren in de cluster werden ontdekt. In juli 1995 werd de bolhoop bekend toen Alan Hale en Thomas Bopp de komeet Hale-Bopp ontdekten terwijl ze M70 aan het waarnemen waren. De cluster heeft een extreem dichte kern dat wellicht door een kerninstorting komt.

Lancering vanop de Cape Canaveral lanceerbasis in Florida van de Amerikaanse ruimtesonde New Horizons. Dit is de eerste missie van een ruimtesonde naar de dwergplaneet Pluto. Eind februari 2007 bereikte New Horizons de planeet Jupiter waarbij de ruimtesonde gebruik kon maken van een zwaartekrachtslinger. Op 8 juni 2008 vloog New Horizons de omloopbaan van de planeet Saturnus voorbij en op 18 maart 2011 de baan van de planeet Uranus. In juli 2015 moet het ruimtetuig uiteindelijk aankomen bij Pluto en zijn manen. Aan boord van de sonde bevindt zich een deel van de as van de ontdekker van Pluto, Clyde Tombaugh. Foto: NASA
Deze website wordt aan onze bezoekers blijvend gratis aangeboden maar om de hoge kosten om de site online te houden te drukken moeten we wel het nodige budget kunnen verzamelen. Ook jij kunt uw bijdrage leveren door ons te ondersteunen met uw donatie zodat we u blijvend kunnen voorzien van het laatste nieuws en artikelen boordevol informatie.