NGC 2683 is een spiraalvormig sterrenstelsel dat in 1788 werd ontdekt door William Herschel. Het sterrenstelsel kreeg door het Astronaut Memorial Planetarium and Observatory ook de bijnaam 'UFO Galaxy' omwille van zijn gelijkenis met een vliegende schotel en is terug te vinden in het sterrenbeeld Lynx. Het is ongetwijfeld één van de mooiste deep-sky objecten in het sterrenbeeld Lynx en is terug te vinden ten oosten van de ster Alpha Lyncis. NGC 2683 bevindt zich op een afstand van 16 miljoen lichtjaar van de Aarde en heeft een magnitude van 9.7. Dit stelsel beweegt zich met een snelheid van 410 kilometer per seconde van de Aarde weg. Opvallend aan dit sterrenstelsel is dat de centrale kern een heldere gele kleur heeft waarin zich oudere sterren bevinden. In de spiraalarmen bevinden zich dan weer stervormingsgebieden met daarin jonge, blauwe sterren.
NGC 4214 is een onregelmatig sterrenstelsel in het sterrenbeeld Canes Venatici (Jachthonden) van magnitude 9.6. Het deep-sky object is 13 miljoen lichtjaar van ons verwijderd en is zowel helderder alsook groter dan de Kleine Magelhaense Wolk. Hoewel het gecatalogeerd staat als een onregelmatig stelsel zijn er op foto’s toch aanwijzingen van balkspiraalstructuur terug te vinden. In deze balk zijn vele clusters en gaswolken (relatief veel zelfs voor dit type sterrenstelsel) waarin sterren geboren worden. Rond de centrale balk hangt een wolk van gas met daarin oudere sterren dat, gemeten aan de hemel, een grootte heeft van 15 boogminuten. NGC 4214 werd op 28 april 1785 ontdekt door de Duits-Britse astronoom William Herschel.
De planetaire nevel NGC 7048 in het sterrenbeeld in Cygnus (Zwaan) heeft vanop Arde gezien een grootte van 60” x 62” en is hierdoor een redelijk groot deep-sky object. De helderheid bedraagt 12.1. Het hemelobject werd op 19 oktober 1878 ontdekt door de Franse astronoom Édouard Jean-Marie Stephan en bevindt zich op een afstand van 6 200 lichtjaar. Édouard Jean-Marie Stephan ontdekte deze planetaire nevel met behulp van een 80 centimeter reflector telescoop. De heldere, opvallende ster die zich ten zuiden van deze nevel bevindt, is van magnitude 10.5. In het midden van deze nevel bevindt zich de ster die deze nevel heeft veroorzaakt. Deze zwakke ster heeft een blauwe kleur. NGC 7048 bevindt zich niet zo ver van NGC 7000 en NGC 7027.
NGC 7026 is een planetaire nevel die we kunnen terugvinden in het sterrenbeeld Zwaan (Cygnus). Deze planetaire nevel heeft een opvallend uiterlijk aangezien één van de twee kanten helderder is dan de andere. Wanneer we NGC 7026 waarnemen met kleine telescopen zullen we dit deep-sky object zien als een zwak niet-stellair vlekje. Het object is 10 x 25 boogseconden groot en heeft een helderheid van magnitude 10,9. De omvang van deze planetaire nevel wordt geschat op 0,3 x 0,7 lichtjaar. De centrale ster is van magnitude 14.2 en is 2 100 maal helderder dan de Zon. Deze nevel zet nog steeds met een snelheid van 40 tot 50 kilometer per seconden uit. De afstand tot NGC 7026 bedraagt ongeveer 6 000 lichtjaar. Dit hemelobject, dat zich in het zogeheten 'hart van de Melkweg' bevindt, werd op 6 juli 1873 ontdekt door de Amerikaanse astronoom Sherburne Wesley Burnham. Waarnemers kunnen NGC 7026 vijf graden ten noordoosten van de ster Deneb terugvinden.
Sterrenbeeld: Zwaan (Cygnus)
Magnitude: 10,9
Coördinaten:

In 2012 maakte de Hubble Space Telescope deze opname van NGC 7026 - Foto: NASA / ESA
Het prachtige balkspiraalstelsel NGC 1300 bevindt zich op een afstand van 61 miljoen lichtjaar van de Aarde en kan worden teruggevonden in het sterrenbeeld Eridanus. De magnitude van dit stelsel bedraagt 10.4. De zogeheten 'balk' in dit stelsel heeft een grootte van 50 000 lichtjaar en het totale sterrenstelsel heeft een omvang van 115 000 lichtjaar. Hierdoor is het net iets groter dan ons eigen sterrenstelsel, de Melkweg. De kern van NGC 1300 is dan weer omgeven door een kleinere spiraalstructuur met een grootte van enkele duizenden lichtjaren. De Hubble Space Telescope maakte in september 2004 een prachtige detailopname van dit sterrenstelsel. NGC 1300 werd op 11 december 1835 ontdekt door de Britse astronoom John Herschel.
NGC 925 is een balkspiraalstelsel dat zich twee graden ten oosten bevindt van de ster gamma Tri in het sterrenbeeld Triangulum (Driehoek). Dit sterrenstelsel heeft magnitude 9.9 en staat 28,1 miljoen lichtjaar van ons vandaan. De armen die rond het stelsel liggen, bevatten relatief veel HII-gebieden. Dit zijn plaatsen waar veel sterren worden geboren. Opvallend aan dit sterrenstelsel is dat één van de twee spiraalarmen duidelijker zichtbaar is dan de andere. NGC 925 is één van de sterrenstelsels uit de NGC 1023 Groep, een cluster van vijf sterrenstelsels op ongeveer 20,3 miljoen lichtjaar afstand. NGC 925 werd op 13 september 1784 ontdekt door de Duits-Britse astronoom William Herschel.
NGC 891 is een klein spiraalvormig sterrenstelsel dat ook gekend is als 'Caldwell 23' en te zien in het sterrenbeeld Andromeda. Dit deep-sky object heeft een helderheid van 11,5. NGC 891 is een mooi voorbeeld van een zogeheten 'edge-on' sterrenstelsel. De grootte aan de hemel bedraagt 13' x 3' en de afstand tot ons bedraagt ongeveer 30 miljoen lichtjaar. NGC 891, dat ontdekt werd door Caroline Herschel in Augustus 1783 en gecatalogeerd werd door haar broer William als H.V.19, is tevens lid van een kleine groep van stelsels dat ook wel de NGC 1023 groep wordt genoemd. Deze cluster bestaat uit vijf sterrenstelsels. Infraroodwaarnemingen gemaakt door Gilbert A. Esquerdo and John C. Barentine laten uitschijnen dat NGC 891 een balkspiraalstelsel zou zijn van het type SBb. In 1986 werd ook een supernova waargenomen in NGC891, namelijk SN1986J. De maximale helderheid ervan bedroeg magnitude 14. NGC 891 staat 4 graden ten oosten van de ster Gamma Andromedae (Almach) en is ingesloten in een driehoek opgebouwd uit sterren van magnitude 10. In 2005 werd NGC 891 gebruikt als testobject toen men de Large Binocular Telescope voor het eerst naar de sterren richtte.
NGC 772 is een prachtig spiraalvormig sterrenstelsel van magnitude 10,3 dat terug te vinden in het sterrenbeeld Aries (Ram). Dit deep-sky object ligt op ongeveer 100 miljoen lichtjaar van ons vandaan en de diameter van dit stelsel wordt geschat op 200 000 lichtjaar. Dit is aanzienlijk groter dan andere sterrenstelsels aangezien ons eigen sterrenstelsel, de Melkweg, maar de helft zo groot is. NGC 772 ligt dicht bij het elliptisch sterrenstelsel NGC 770 en beide stelsels beïnvloeden elkaar. De diameter van dit stelsel wordt geschat op ongeveer 40 000 lichttjaar. NGC 772 werd op 29 november 1785 ontdekt door de Duits-Britse astronoom William Herschel. In dit sterrenstelsel werden ook al twee supernova waargenomen (SN 2003 hl & SN 2003 iq).
M2, ook gekend als NGC 7089, is een bolvormige sterrenhoop, ver weg van de Melkweg, in een regio met weinig heldere sterren. M2, gelegen in het sterrenbeeld Aquarius (Waterman) bevat ongeveer 100 000 sterren en is 13 miljard jaar oud. De absolute magnitude van het object is -10. M2 is het 'showbeest' in het sterrenbeeld Aquarius en is gemakkelijk zichtbaar met een binoculair. Onder een goed donkere hemel kan het object zelfs zichtbaar zijn met het blote oog maar de kans is klein in het sterk lichtvervuilde België en Nederland. Zoek naar een helder centrum met een lichtere buitenste grens. In het centrum kan je geen sterren onderscheiden, maar bij een grote vergroting kan het misschien enkele sterren tonen aan de randen.
Deze bolvormige sterrenhoop in het sterrenbeeld Canes Venatici (Jachthonden) bevat meer dan een half miljoen sterren. De werkelijke diameter van het object is ongeveer 220 lichtjaar, en hij staat op 33 900 lichtjaar van de Aarde. De leeftijd van M3 wordt geschat op zeven miljard jaar. De absolute magnitude is -8,2. De helderste ster in de sterrenhoop is een rode reus van schijnbare magnitude 12,6 en absolute magnitude -3,5. Volgens de astronoom Allen Sandage zou 10% van deze bolhoop uit witte dwergen bestaan. Zo’n 5 000 sterren zijn helderder dan magnitude 17 en ongeveer 45 000 sterren zijn helderder dan magnitude 22. M3 bevat bijna 200 veranderlijke sterren, waarvan de meesten van het type RR Lyrae zijn.

Lancering vanop de Cape Canaveral lanceerbasis in Florida van de Amerikaanse ruimtesonde New Horizons. Dit is de eerste missie van een ruimtesonde naar de dwergplaneet Pluto. Eind februari 2007 bereikte New Horizons de planeet Jupiter waarbij de ruimtesonde gebruik kon maken van een zwaartekrachtslinger. Op 8 juni 2008 vloog New Horizons de omloopbaan van de planeet Saturnus voorbij en op 18 maart 2011 de baan van de planeet Uranus. In juli 2015 moet het ruimtetuig uiteindelijk aankomen bij Pluto en zijn manen. Aan boord van de sonde bevindt zich een deel van de as van de ontdekker van Pluto, Clyde Tombaugh. Foto: NASA
Deze website wordt aan onze bezoekers blijvend gratis aangeboden maar om de hoge kosten om de site online te houden te drukken moeten we wel het nodige budget kunnen verzamelen. Ook jij kunt uw bijdrage leveren door ons te ondersteunen met uw donatie zodat we u blijvend kunnen voorzien van het laatste nieuws en artikelen boordevol informatie.