De meesten onder ons weten wellicht al dat sterren ontstaan uit samentrekkende gaswolken. Veel van deze gaswolken zijn zo groot en uitgestrekt dat er tientallen sterren kunnen in gevormd worden. Indien de condensatiekernen van deze toekomstige sterren dicht bij elkaar liggen, zullen hieruit sterren ontstaan (ook wel "componenten" genoemd) die rond elkaar draaien en spreken we van "dubbelsterren" of "meervoudige" sterren. Met het blote oog zijn ongeveer 5 000 sterren te zien en van deze grote groep zijn ongeveer 2 000 sterren dubbel- of meervoudige sterren. Astronomen vermoeden dat ongeveer 60% van alle sterren in het universum dubbel of meervoudig zijn. Zelfs de dichtste ster die bij onze Zon staat, Proxima Centauri, maakt deel uit van een meervoudige sterrengroep waarin zich drie sterren bevinden.
Zwarte gaten vereisen het algemene relativistische concept van een vervormbare ruimte-tijd. Hun meest indrukwekkende verschijnselen steunen op een vervorming van de ruimte rondom hen.
Algemene relativiteit zegt niet alleen dat zwarte gaten kunnen bestaan, maar voorspelt in feite ook dat ze gevormd zullen worden in de ruimte wanneer een groot genoege hoeveelheid massa bij elkaar getrokken wordt, in een proces dat gravitationele instorting wordt genoemd. Als men bijvoorbeeld de zon zou samen duwen totdat ze een doorsnede heeft van 6 kilometer (een viermiljoenste van haar huidige grootte), zou ze een zwart gat worden.
De enige kandidaten die eigenlijk in aanmerking komen om zo’n hoeveelheid energie op te wekken, zijn asymmetrische, relativistische super- of hypernovae of op elkaar botsende dubbelster systemen, zoals neutronenster - neutronenster of neutronenster- zwart gat systemen.
Een groot probleem bij het vinden van een verklaring voor GRB’s is hun grote verscheidenheid. Sommige duren maar 30 milliseconden, terwijl de langsten bijna 2 uur duurden. Sommigen stralen met horten en stoten en anderen hebben weer een glad profiel. Het grootste deel van de energie van de fotonen ligt tussen de 100 000 en een miljoen electron-volt, wat betekent dat de bron bijzonder heet moet zijn (de, voornamelijk optische, elektronen die van de zon afkomen hebben maar een energie van een paar electron-volt).
De eerste waarneming van een gamma-ray burst werd per ongeluk gedaan in de jaren ‘60 door de Vela satellieten van het Amerikaanse leger, die waren bedoeld om in de gaten te houden of de toenmalige Sovjet-Unie geen kernproeven in de ruimte deed, bijvoorbeeld achter de Maan. In plaats daarvan werden stralingspieken gemeten die niet vanuit de buurt van de Aarde konden komen. In 1973 concludeerden astronomen dat er sprake was van een nieuw fenomeen, maar tot 1991 kon men slechts raden naar de oorsprong ervan. In april van dat jaar werd met de space-shuttle Atlantis het Compton gamma-ray Observatory gelanceerd, een satelliet met aan boord het Bursts and Transient Source Experiment (BATSE). Uit de BATSE bleek meteen dat de verdeling van de gamma-ray bursts niet samenhing met ons Melkwegstelsel, noch met nabije sterrenstelsels of clusters van sterren.
Als onze ogen geschikt waren om gammastraling te zien, zouden we ongeveer twee keer per dag bijna verblind worden door een heldere flits, helderder dan enige andere bron aan de hemel. In deze uitbarstingen van gammastraling, die door astronomen 'gamma-ray bursts' (GRB's) worden genoemd, wordt in een aantal minuten meer energie uitgestraald dan de Zon in haar hele levensloop van tien miljard jaar zal doen.
Stervorming is het proces waarbij dichte delen van moleculaire wolken inklappen in een bal van plasma om een ster te vormen. Stervorming omvat de studie van het interstellair medium en grote moleculaire wolken als voorlopers van het stervormingsproces en de studie van vroege stersoorten en planeetvorming als direct product. Leer aan de hand van dit artikel alles over hoe sterren gevormd worden.
Neutrino's zijn één van de fundamentele deeltjes die het heelal maken. Zij zijn ook één van meest minst begrepen deeltjes.

Lancering vanop de Cape Canaveral lanceerbasis in Florida van de Amerikaanse ruimtesonde New Horizons. Dit is de eerste missie van een ruimtesonde naar de dwergplaneet Pluto. Eind februari 2007 bereikte New Horizons de planeet Jupiter waarbij de ruimtesonde gebruik kon maken van een zwaartekrachtslinger. Op 8 juni 2008 vloog New Horizons de omloopbaan van de planeet Saturnus voorbij en op 18 maart 2011 de baan van de planeet Uranus. In juli 2015 moet het ruimtetuig uiteindelijk aankomen bij Pluto en zijn manen. Aan boord van de sonde bevindt zich een deel van de as van de ontdekker van Pluto, Clyde Tombaugh. Foto: NASA
Deze website wordt aan onze bezoekers blijvend gratis aangeboden maar om de hoge kosten om de site online te houden te drukken moeten we wel het nodige budget kunnen verzamelen. Ook jij kunt uw bijdrage leveren door ons te ondersteunen met uw donatie zodat we u blijvend kunnen voorzien van het laatste nieuws en artikelen boordevol informatie.