STS-3 was de derde bemande Amerikaanse Space Shuttle-missie. Deze ruimtevlucht ging op 22 maart 1982 van start en werd uitgevoerd met het ruimteveer Columbia. Dit was de eerste lancering van een Amerikaans ruimteveer waarbij de External Tank (ET) niet wit was geverfd maar in z’n oorspronkelijke kleur gelaten werd om op deze manier overtollig gewicht te besparen. Ook was dit de eerste en enige missie waarbij op de White Sands Space Harbor landingsbaan in de Amerikaanse staat New Mexico werd geland. Doel van deze derde Space Transportation System (STS) missie was om het Remote Manipulator System (RMS) robotarm verder te testen en om voor het eerst verschillende experimenten in het ruimteveer uit te voeren.
De STS-2 ruimtemissie was de tweede bemande Amerikaanse Space Shuttle-missie uit het Space Transportation System (STS) programma van de ruimtevaartorganisatie NASA. Deze ruimtevlucht ging van start op 12 november 1981 en werd uitgevoerd met het ruimteveer Columbia dat bemand werd door twee Amerikaanse astronauten. Gedurende deze ruimtevlucht werd voor het eerst het Remote Manipulator System (RMS) gebruikt. Deze Canadese robotarm zou later gebruikt worden om satellieten met op te vangen of uit te zetten of om onderdelen aan een ruimtestation vast te hechten. Opvallend aan de STS-2 missie was dat dit de laatste keer was dat een ruimtevlucht werd uitgevoerd met astronauten die voor het eerst de ruimte ingingen.
De STS-1 missie was de allereerste Space Shuttle missie uit de geschiedenis van de Amerikaanse ruimtevaart. Deze vlucht werd bemand door twee bemanningsleden en werd uitgevoerd met het ruimteveer Columbia. Het doel van de missie was om veilig in een baan rond de Aarde te komen, alle apparatuur te testen en weer veilig te landen.
De Amerikaanse Viking 1 Marslander was de eerste van twee identieke ruimtetuigen die in 1975 gelanceerd werden vanop de Cape Canaveral lanceerbasis in Florida. Beide ruimtetuigen maakten een zachte landing op het Marsoppervlak en stuurden hiervan tal van prachtige foto's terug naar de Aarde. Met deze dure ruimtemissies wou het Amerikaanse ruimtevaartagentschap NASA meer leren over de samenstelling, het klimaat en het oppervlak van de planeet Mars. Uiteindelijk zouden beide projecten een zeer groot succes worden. Dit was de eerste maal dat een Amerikaans tuig landde op het oppervlak van Mars en dankzij deze ruimtetuigen zag men op Aarde nu voor het eerst het oppervlak van deze fascinerende planeet in kleur.
De Amerikaanse Mars Pathfinder ruimtemissie ging op 4 december 1996 van start doordat vanop de Cape Canaveral lanceerbasis in Florida een 870 kilogram zwaar ruimtetuig in de ruimte gebracht werd dat aan boord het eerste Amerikaanse Marswagentje had. Deze lancering vond een maand na de Mars Global Surveyor lancering plaats. Na een reis van 7 maanden kwam de Mars Pathfinder met succes aan bij de planeet Mars waar het op 4 juli 1997 een zachte landing op maakte. Dit was de tweede missie uit het Discovery programma van het Amerikaanse ruimtevaartagentschap NASA.
De Amerikaanse ruimtesonde Mars Observer was het eerste ruimtetuig in meer dan 20 jaar dat door het Amerikaanse ruimtevaartagentschap NASA naar de planeet Mars werd gestuurd. Deze sonde had als belangrijkste taken het klimaat, de atmosfeer, de samenstelling en het magnetisch veld van deze planeet te onderzoeken. Op 25 september 1992 werd de Mars Observer probleemloos in de ruimte gebracht maar drie dagen voor deze Marsverkenner zich in een baan om de rode planeet zou begeven, verloor de vluchtleiding op 21 augustus 1993 alle contact met de sonde en werd de communicatie nooit meer hersteld. Voor het Amerikaanse ruimtevaartagentschap was dit verlies een grote klap en tot op heden is oorzaak van dit verlies nog steeds onbekend.
Naast de Mars Climate Orbiter maakte de Mars Polar Lander eveneens deel uit van het Amerikaanse Mars Surveyor '98 ruimteprogramma van de NASA. Deze missie had als belangrijkste doel een tuig te laten landen in het Zuidelijke poolgebied van de planeet Mars waar de lander tal van atmosferische en meteorlogische onderzoeken zou uitvoeren om op deze manier meer te leren over het klimaat op Mars. Net als de Mars Climate Orbiter ging ook de Mars Polar Lander verloren toen deze aankwam bij de rode planeet door een nog onbekende reden. Het verlies van beide ruimtetuigen zorgde ervoor dat het Marsprogramma van het Amerikaanse ruimtevaartagentschap NASA in een diepe crisis terechtkwam.
Het Amerikaanse ruimtetuig Mars Climate Orbiter was een van de twee onbemande Marsverkenners uit het Mars Surveyor '98 programma van het Amerikaanse ruimtevaartagentschap NASA. Het had als belangrijkste doel het klimaat, weer en water op Mars te bestuderen om op deze manier een beter beeld te krijgen over de atmosfeer en klimaatsveranderingen van deze planeet. Normaal had deze ruimtesonde zich in een baan om Mars moeten begeven op een hoogte van 150 kilometer van het Marsoppervlak maar wegens een navigatiefout ging dit ruimtetuig verloren in de atmosfeer van Mars kort nadat deze er was aangekomen.
Net als de Unity module (Node 1) doet ook de Harmony module (Node 2) aan het internationale ruimtestation ISS dienst als koppelingsmodule waar andere onderdelen van het ruimtestation kunnen aan vastgehecht worden. De Harmony module werd op 23 oktober 2007 succesvol vastgemaakt aan het ISS en werd gebouwd door het Europese ruimtevaartbedrijf Thales Alenia Space in Italië. Deze 14,2 ton zware module zorgde ervoor dat het ISS ruimtestation bijna 90 kubieke meter aan leef- en werkruimte bij kreeg.
Het X-20 Dyna-Soar ruimteproject was een Amerikaans militair project dat onder leiding stond van de Amerikaanse luchtmacht en als doel had een ruimteveer te ontwikkelen dat kon gebruikt worden voor verschillende doeleinden zoals spionage, aanvalswapen of reddingsmiddel. Dit militaire ruimtetuig kende veel gelijkenissen met het latere ontwerp van de Space Shuttle aangezien het eveneens in de ruimte gebracht werd door een draagraket en terugkeerde in de atmosfeer als een zweefvliegtuig.

Lancering vanop de Cape Canaveral lanceerbasis in Florida het Amerikaanse onbemande ruimtetuig Gemini 2. Dit was de tweede missie uit NASA's Gemini ruimteprogramma dat de opvolger was het Mercury programma dat Amerika's eerste bemande ruimteprogramma was. Na 18 minuten en 16 seconden was deze testvlucht afgelopen. Doel van de onbemande Gemini 2 testvlucht was het testen van het hitteschild van de nieuwe Gemini ruimtecapsule die plaats bood aan twee astronauten. Na de Gemini 2 testvlucht werd deze ruimtecapsule opnieuw opgelapt en in november 1966 een tweede keer gelanceerd in het kader van het militaire ruimteprogramma Manned Orbiting Laboratory (MOL). Foto: NASA
Deze website wordt aan onze bezoekers blijvend gratis aangeboden maar om de hoge kosten om de site online te houden te drukken moeten we wel het nodige budget kunnen verzamelen. Ook jij kunt uw bijdrage leveren door ons te ondersteunen met uw donatie zodat we u blijvend kunnen voorzien van het laatste nieuws en artikelen boordevol informatie.