Waarnemingen op tal van locaties in Zuid-Amerika, waaronder de ESO-sterrenwacht op La Silla, hebben geleid tot de verrassende ontdekking dat de verre planetoïde Chariklo is omgeven door twee compacte, smalle ringen. Dit is verreweg het kleinste object in het zonnestelsel waarbij ringen zijn ontdekt en – na de veel grotere planeten Jupiter, Saturnus, Uranus en Neptunus – pas het vijfde om de zon draaiende object dat dit kenmerk vertoont. De oorsprong van de ringen is een raadsel, maar mogelijk zijn ze het resultaat van een botsing waarbij een schijf van puin is ontstaan.
Nu astronomen al meer dan 1 000 planeten rondom andere sterren hebben ontdekt, is de jacht meer dan ooit geopend op een planeet die gelijkenissen vertoond met de Aarde. Helaas kunnen we momenteel nog geen foto's van maken van eventuele 'nieuwe aardes' maar misschien brengt een 'ruimte-zonnebloem' hier binnenkort wel verandering in.
Elk jaar verschijnt in het nieuws wel eens een melding van de vorming van een zinkgat. Plots zakt de grond onder je voeten weg en er vormt zich een diep gat. De bovenste bodemlagen zijn dan in een onderliggende grot gestort. Wanneer dat in een natuurrijk gebied gebeurt zoals op de foto is weergegeven, is dat niet zo heel erg. Het kan dan zelfs een verrijking zijn van de landschappelijke en biologische diversiteit. Maar wanneer het in een stedelijk gebied gebeurt, zoals enkele jaren geleden in Guatemala City, dan zijn de gevolgen veel erger. Hele huizen kunnen in een zinkgat verdwijnen.
Het afsmelten van het noordpoolijs is al enkele jaren in een drastisch tempo aan het versnellen. De ijsdikte neemt af en het drijvend ijs kent een steeds kleinere oppervlakte tijdens de noordelijke zomers. Dit proces is ook voor het weer in België belangrijk. De globale energieverdeling begint te veranderen, waardoor de luchtdrukgebieden en de straalstroom boven ons land geografisch verschoven zijn. En dat kan leiden tot weertypes die wij minder gewoon zijn.
Met ESO’s Very Large Telescope Interferometer is een ster opgespoord die de grootste gele ster blijkt te zijn die we kennen. Hij behoort zelfs tot de tien grootste sterren die tot nu toe zijn ontdekt. De hyperreus is meer dan 1300 keer zo groot als de zon en vormt, samen met een andere ster die zo dichtbij staat dat de twee elkaar raken, een dubbelstersysteem.
Wetenschappers zijn aan de hand van gegevens afkomstig van de Amerikaanse Wide-Field Infrared Survey Explorer (WISE) satelliet tot de vaststelling gekomen dat er zich geen onbekende gasplaneten bevinden in de buitenste regionen van het zonnestelsel. Hierdoor kunnen de geruchten over het bestaan van een mogelijke 'planeet X' definitief de prullenbak in.
Wetenschappers hebben voor het eerst een exoplaneet gefotografeerd met dezelfde technologie die in een klassieke digitale camera zit. Zo slaagde men er in om met een gewone ccd-sensor de planeet Bèta Pictoris b in beeld te brengen.
Een nieuw innovatief instrument, MUSE (Multi Unit Spectroscopic Explorer) geheten, is met succes geïnstalleerd op de Very Large Telescope (VLT) van de ESO-sterrenwacht op Paranal, in het noorden van Chili. MUSE heeft tijdens zijn eerste geslaagde waarnemingsperiode gekeken naar verre sterrenstelsels, heldere sterren en andere testobjecten.
Van 2007 tot 2011 heeft NASA in de San Joaquin Valley in Californië de bodembeweging gemeten. Daaruit bleek dat het grondwaterpeil stelselmatig daalde. Door gebrek aan sneeuwval of regen, kent het noorden van Californië ook nu weer een extra dorstig landschap. 2014 zal zelfs het droogste jaar worden, waarbij 100% van de staat door droogte wordt geraakt.
Na de vondst van stromend water op Mars, midden februari 2014, presenteert NASA opnieuw een belangrijke ontdekking. Een team wetenschappers van het Johnson Space Center in Houston en het Jet Propulsion Laboratory in Californië, heeft in een Marsmeteoriet bewijzen gevonden van water. De resultaten zijn gepubliceerd in het februarinummer van Astrobiology. Het verhaal doet uiteraard denken aan de vondst van een mogelijk biogene structuur in een Marsmeteoriet (de ALH84001) in 1996. Leden uit het toenmalige onderzoeksteam, zijn ook bij de huidige vondst betrokken.

Lancering vanop de Cape Canaveral lanceerbasis in Florida het Amerikaanse onbemande ruimtetuig Gemini 2. Dit was de tweede missie uit NASA's Gemini ruimteprogramma dat de opvolger was het Mercury programma dat Amerika's eerste bemande ruimteprogramma was. Na 18 minuten en 16 seconden was deze testvlucht afgelopen. Doel van de onbemande Gemini 2 testvlucht was het testen van het hitteschild van de nieuwe Gemini ruimtecapsule die plaats bood aan twee astronauten. Na de Gemini 2 testvlucht werd deze ruimtecapsule opnieuw opgelapt en in november 1966 een tweede keer gelanceerd in het kader van het militaire ruimteprogramma Manned Orbiting Laboratory (MOL). Foto: NASA
Ben je een amateur astronoom met een sterke pen? De Spacepage redactie is steeds op zoek naar enthousiaste mensen die artikelen of nieuws schrijven voor op de website en/of het Guidestar magazine. Geen verplichtingen, je schrijft wanneer jij daarvoor tijd vind. Lijkt het je iets? laat het ons dan snel weten op Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Deze website wordt aan onze bezoekers blijvend gratis aangeboden maar om de hoge kosten om de site online te houden te drukken moeten we wel het nodige budget kunnen verzamelen. Ook jij kunt uw bijdrage leveren door ons te ondersteunen met uw donatie zodat we u blijvend kunnen voorzien van het laatste nieuws en artikelen boordevol informatie.